Voeding en gezondheid
De Gouden
Eeuw
Hebben we
van de Gouden Eeuw geleerd?
De weg naar
overleven
De
meeste onder ons zullen vast het verhaal kennen van de zeevaarders die in de Gouden Eeuw naar de Oost en den
West voeren om daar kostbare specerijen en andere exotische waren te halen. De schepen en hun bemanning waren
velen maanden, soms jaren onderweg en de bemanning moest het doen met gezouten vlees, scheepsbeschuit en een
rantsoen brandewijn.
Er
waren veel gevaren op zee, maar het grootste gevaar was scheurbuik een van de meest gevreesde.
Om onverklaarbare reden brak er vaak een vreemde ziekte uit die zich uitte in bloedend tandvlees, uitvallende
tanden, buikloop en vaak de dood tot gevolg. De ziekte bleef weg toen de reders besloten tot het inlassen van
stopplaatsen op de routes.
Op
deze stopplaatsen werden nederzettingen gevestigd waar aan land- en tuinbouw en veeteelt werd gedaan. Vanaf het
moment dat de scheepsbemanningen met enige regelmaat vers voedsel konden inslaan deed scheurbuik zich niet meer
voor. De reders kwamen er dan ook achter dat er een verband moest bestaan tussen de kwaliteit van het
voedsel en het al dan niet voorkomen van ziekten.
Onderzoeken
Pas
aan het begin van deze eeuw werd duidelijk hoe dat verband precies lag. Nieuwe laboratoriumtechnieken maakten
het mogelijk om de verschillende zogenaamde voedingsstoffen te onderscheiden en om vast te stellen waarvoor ze
belangrijk zijn. Eiwitten, vetten en koolhydraten vormen het leeuwendeel van goede voeding. Maar er zijn nog
andere stoffen waarvan we weliswaar maar kleine hoeveelheden nodig hebben, maar die ons lichaam niet kunnen
missen om gezond te kunnen zijn. Ze vormen samengevat onder de
namen vitaminen en mineralen.
Eiwitten leveren de bouwstenen voor ons
weefsel.
Vetten leveren ook een bijdrage, maar zijn
tegelijk onmisbaar voor hormoonhuishouding en voor spijsverteringsprocessen. Daarom vinden mensen het vaak ook
zo moeilijk welke soort vet dat ze het beste kunnen gebruiken.
Koolhydraten- of suikers of zetmeel deze
zogen voor de brandstof waarvan de energiehuishouding van ons lichaam afhankelijk van is.
Vitaminen zijn zogenaamde organische stoffen;
ze komen alleen in de levende natuur voor. Daar tegenover staan de mineralen ( en sporenelementen); stoffen die
gewonnen kunnen worden uit de zee en de aarde. De meeste mensen kunnen wel vitamine C.
Veel
liefs van:
Monique Bijl-van der Linden
U heeft een oude versie van Adobe Flash Player.
Klik op het plaatje voor een upgrade.
|